Menu

Verzuim en ingebrekestelling

Verzuim en ingebrekestelling op een rij

De Hoge Raad zet in haar uitspraak d.d. 11 november 2019¹ tussen een hoofdaannemer en een onderaannemer de regels over verzuim en ingebrekestelling op een rij te zetten:

  • Wanneer voor de nakoming geen termijn is bepaald, dan treedt het verzuim in, wanneer de schuldenaar in gebreke wordt gesteld bij een schriftelijke aanmaning waarbij hem een redelijke termijn voor de nakoming wordt gesteld, en nakoming binnen deze termijn uitblijft (art. 6:82 lid 1 BW).
  • De functie van een ingebrekestelling is om de schuldenaar nog een laatste termijn voor nakoming te geven en om te bepalen tot welk tijdstip nakoming nog mogelijk is zonder dat van een tekortkoming sprake is, bij gebreke van welke nakoming de schuldenaar vanaf dat tijdstip in verzuim is. Waarmee zij aansluit bij de conclusie van de Procureur-Generaal van de Hoge Raad d.d. 7 juni 2019 onder punt 3.3.
  • De lengte van de termijn voor nakoming die aan de schuldenaar moet worden gegeven, hangt van de omstandigheden af:
    • Een relevante omstandigheid is de tijd die de schuldenaar vóór de aanmaning heeft gehad om zich voor te bereiden.
    • In de meeste gevallen staat het de schuldenaar niet vrij om te wachten met het verrichten van voorbereidende handelingen tot hij aangemaand wordt.
  • Als de schuldenaar tijdelijk niet kan nakomen of uit zijn houding blijkt dat aanmaning nutteloos zou zijn, dan kan de ingebrekestelling plaatsvinden door een schriftelijke mededeling waaruit blijkt dat de schuldenaar voor het uitblijven van de nakoming aansprakelijk wordt gesteld (art. 6:82 lid 2 BW).
  • Verzuim kan ook zonder ingebrekestelling intreden (art. 6:83 BW):
    • er verstrijkt een overeengekomen fatale termijn;
    • er is sprake van een onrechtmatige daad of van een verplichting tot betaling van schadevergoeding;
    • uit een mededeling van de schuldenaar is duidelijk dat de schuldenaar niet gaat nakomen;
    • een beroep van de schuldenaar op het ontbreken van een ingebrekestelling is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar;
    • op grond van de redelijkheid en billijkheid kan een ingebrekestelling achterwege kan blijven en raakt de schuldenaar zonder ingebrekestelling in verzuim.
Geplaatst in Contractenrecht