Menu

Vaste rechtspraak wijziging alimentatie

Regelmatig krijg ik de vraag van cliënten wanneer een eerder vastgestelde alimentatie gewijzigd kan worden. Ik leg dan uit dat deze vraag door de rechter heel beantwoord zal worden aan de hand van de “relevante feiten en omstandigheden van het concrete geval” waarbij de (succesvolle) verzoeken in grote lijnen opgedeeld worden in drie categorieën, namelijk (1) er hebben zich later wijzigingen voorgedaan; en/of (2) de eerder vastgestelde uitspraak klopte van meet af aan niet en ten slotte (3) is er sprake geweest van een grove miskenning van de wettelijke maatstaven.

Wijziging van omstandigheden

Art. 1:401 lid 1 BW bepaalt als hoofdregel dat een rechterlijke uitspraak of een overeenkomst betreffende levensonderhoud bij latere rechterlijke uitspraak kan worden gewijzigd of ingetrokken, wanneer zij nadien door wijziging van omstandigheden ophoudt aan de wettelijke maatstaven te voldoen. Van een wijziging van omstandigheden in de zin van dit artikel is sprake wanneer het gaat om een ten tijde van de uitspraak of overeenkomst waarvan wijziging wordt verzocht nog toekomstige omstandigheid waarmee in die uitspraak of overeenkomst nog geen rekening is gehouden. Het moet daarbij gaan om een relevante wijziging van omstandigheden. Het verkrijgen van de wetenschap dat de feitelijke omstandigheden ten tijde van het sluiten van een alimentatieovereenkomst anders waren dan toen werd aangenomen, levert geen wijziging van omstandigheden op in de zin van art. 1:401 lid 1 BW. Enkel tijdsverloop levert evenmin een wijziging van omstandigheden op. Niet van belang is of ten tijde van de uitspraak of overeenkomst waarvan wijziging wordt verzocht de omstandigheden al bekend of voorzienbaar waren, maar of daarmee destijds zodanig rekening is gehouden dat zij geacht moeten worden aan de vaststelling van de alimentatie ten grondslag te hebben gelegen. Als er eenmaal een wijziging van omstandigheden is, waardoor de eerdere alimentatie-uitspraak of overeenkomst niet langer aan de wettelijke maatstaven voldoet, moet de alimentatierechter op grond van alle ten tijde van zijn beschikking bestaande relevante omstandigheden een nieuwe alimentatie vaststellen, ook als die omstandigheden bij de eerdere alimentatie-uitspraak wel bestonden, maar niet zijn opgevoerd. Hij hoeft dan niet te onderzoeken of die omstandigheden ten opzichte van de vroegere omstandigheden zodanig zijn gewijzigd dat zij wijziging van de alimentatie vergen. De rechter is ook niet gebonden aan geschilbeslissingen in de uitspraak waarvan wijziging wordt verzocht, als eenmaal vaststaat dat de omstandigheden zijn gewijzigd. Art. 1:401 lid 1 BW laat de rechter vrij te beoordelen aan welke omstandigheden hij bij zijn beslissing omtrent het verzoek tot wijziging betekenis wil toekennen en zo ja, welke betekenis. Wijziging van een uitspraak omtrent levensonderhoud met ingang van een toekomstig onzeker tijdstip is in beginsel mogelijk. Er moet dan wel een op dat tijdstip gewijzigde omstandigheid zijn. Een wijziging van omstandigheden moet aangevoerd worden. De rechter hoeft niet ambtshalve te onderzoeken of er sprake is van een relevante wijziging van omstandigheden.

Van de aanvang af niet aan de wettelijke maatstaven voldaan

Art. 1:401 lid 4 BW bepaalt dat een rechterlijke uitspraak betreffende levensonderhoud ook kan worden gewijzigd of ingetrokken, indien zij van de aanvang af niet aan de wettelijke maatstaven heeft beantwoord doordat bij die uitspraak van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan. De reikwijdte van art. 1:401 lid 4 BW moet ruim worden opgevat. Ieder gegeven waarvan achteraf aannemelijk wordt gemaakt dat het bij de rechterlijke uitspraak waarvan wijziging wordt verzocht een rol had behoren te spelen, maar niet heeft gespeeld of waarvan achteraf aannemelijk wordt gemaakt dat het niet om het juiste gegeven ging, terwijl het juiste of ontbrekende gegeven tot een andere vaststelling van de onderhoudsuitkering op grond van draagkracht of behoefte had geleid, geldt als een onjuist gegeven. Ook een naderhand onjuist gebleken toekomstverwachting kan een onjuist of onvolledig gegeven opleveren. Evenmin is vereist dat uit de uitspraak van destijds zelf blijkt van welke gegevens is uitgegaan. Het maakt niet uit dat ook hoger beroep ingesteld had kunnen worden, omdat de onjuiste of onvolledige voorstelling van zaken binnen de termijn van hoger beroep was. Het gezag van gewijsde van alimentatiebeslissingen is in verband met onjuiste of onvolledige gegevens dan ook niet aan de orde. Evenmin maakt het uit of cassatie ingesteld had kunnen worden. Ook in dat geval kan een wijziging van de (door het gerechtshof) vastgestelde alimentatie worden verzocht omdat is uitgegaan van onjuiste of onvolledige gegevens. De rechter is niet gebonden aan geschilbeslissingen in de uitspraak waarvan wijziging wordt verzocht, als eenmaal vaststaat dat van onjuiste of onvolledige gegevens is uitgegaan. Aan alimentatiebeslissingen komt gezag van gewijsde toe, maar dat wordt beperkt door de omstandigheid dat de beslissing bij latere uitspraak kan worden gewijzigd of ingetrokken. Het maakt ook niet uit wie zich heeft vergist in (de weergave van) de feiten, waarop (de berekening van) de draagkracht of behoefte is gebaseerd, of wie zich heeft vergist in de berekening zelf dan wel in het petitum van het verzoek of, als het gaat om de rechter, in het dictum. De rechter kan zich vergissen, de raadsman of (één van) partijen zelf. Het maakt voorts niet uit of aan een der partijen verweten kan worden dat een relevant gegeven niet of onjuist is verstrekt. Indien partijen zelf onvolledige gegevens verschaffen aan hun raadsman (bijvoorbeeld omdat zij veronderstellen dat deze niet relevant zijn), dan zal steeds wijziging mogelijk zijn op grond van art. 1:401 lid 4 BW. Van hen kan niet de deskundigheid verwacht worden die wel van een raadsman verwacht mag worden. Niet steeds zal in het overleg met de raadsman volstrekt duidelijk worden welke gegevens relevant zijn. Maar ook als de onjuiste of onvolledige voorstelling van zaken ontstaan is door slordigheid van de raadsman, is wijziging op grond van art. 1:401 lid 4 BW mogelijk.

Grove miskenning van de wettelijke maatstaven

Ingevolge art. 1:401 lid 5 BW kan een overeenkomst betreffende levensonderhoud ook worden gewijzigd of ingetrokken, indien zij is aangegaan met grove miskenning van de wettelijke maatstaven. Met dit laatste is bedoeld dat, uitgaande van dezelfde gegevens, er geen evidente wanverhouding mag bestaan tussen de onderhoudsbijdrage waartoe de rechter zou hebben beslist en die welke partijen zijn overeengekomen. Het betreft dan gevallen waarin partijen onopzettelijk door onjuist inzicht of onjuiste gegevens van de wettelijke maatstaven zijn afgeweken. Indien partijen ten tijde van de overeenkomst bewust hebben willen afwijken van de wettelijke maatstaven, geldt het vijfde lid van dit artikel niet maar past de rechter voor de wijziging art. 1:159 lid 3 naar analogie toe. In zo’n geval waarin partijen bewust zijn afgeweken van de wettelijke maatstaven zal de rechter slechts tot een wijziging van de overeenkomst betreffende levensonderhoud mogen overgaan indien de verzoeker stelt en de rechter aannemelijk oordeelt dat na het tot stand komen van de overeenkomst een wijziging van omstandigheden is ingetreden die meebrengt dat de wederpartij, in het licht van alle dan bestaande omstandigheden, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding van de overeenkomst niet mag verwachten. Bij een eventuele wijziging van de alimentatie moet de rechter dan zoveel mogelijk aansluiting zoeken bij wat partijen bij hun overeenkomst voor ogen stond, waarbij hij mede zal dienen te letten op het verband dat kan zijn beoogd tussen de regeling betreffende het levensonderhoud en eventuele door partijen getroffen regelingen van andere aard.

Ten slotte

Ik realiseer me overigens dat dit voor mij als advocaat een prima antwoord is, maar dat een cliënt daar niet altijd iets mee opschiet. Het is daarom dat wij een gratis intake gesprek hebben, waarin we samen een de feiten en omstandigheden op een rij zetten en kijken hoe deze zich verhouden met uitspraken die door rechters al gedaan zijn. Indien u loopt met deze vraag, neem dan gerust contact op. Ik help u graag verder.